RUURLO (gerooid bos) ontstond als een agrarische nederzetting rond het knooppunt van een aantal (hessen)handelswegen.  Er was een verspreid vestigingspatroon, zodat een 'hoevenlandschap' ontstond. De verdere ontwikkeling van Ruurlo werd nog eens bevorderd door de nabijgelegen havezathe of heerschap (=een landstreek of bezitting waaraan eigen rechtsdwang verbonden was), het huidige kasteel Ruurlo. Reeds in 1134 komen er personen voor met de naam Roderlo.

 

14e eeuw        in 1326 wordt het kasteel vermeldt,  bewoond door Steven van Roderlo

 

15e  eeuw       nadat het geslacht Roderlo was uitgestorven kocht de Fam. van Heeckeren in 1420 het kasteel.         

Gedurende de volgende eeuwen werden vele verbouwingen uitgevoerd. Ook brandde het kasteel zeker tweemaal geheel uit,

waardoor het weer moest worden herbouwd en waarbij soms een nieuwe vleugel werd bijgebouwd of andere delen niet meer werden herbouwd.

 

16e eeuw        uit deze tijd dateert het huidige kasteel, een geheel door grachten omgeven bakstenen huis. (een kasteel is een middeleeuws verdedigbaar bouwwerk)[1]

                        het middendeel stamt uit de 16e  eeuw. De grote toren, middeleeuws, ter verdediging, kreeg zijn huidige vorm in 1572.

            De bakstenen werden afgewisseld door natuurstenen blokken, banden en lijsten in Bentheimer- en Baumbergersteen.

De vensters werden gewijzigd en erboven werden driehoekige zandstenen frontons met schelpvullingen aangebracht.(Renaissance stijl).[2]

De romp werd verder afgesloten met een zandstenen kroonlijst.

 

17e eeuw        1627     vierkante smalle toren aan de noord-oost-kant

            1686     Ruurlo wordt door schulden eigendom van fam. Schimmelpenninck  van der Oye. Het oostelijk gedeelte werd gebouwd.

 

18e eeuw        1708     de stenen hoofdbrug is van natuursteen gemaakt, welke nog steeds gebruikt wordt bij officiële gelegenheden en huwelijken.

                        1727     bewoners: Jacob Derk  v. Heeckeren en v. Lynden, kochten het kasteel weer.

                        De windwijzers op de beide torens hebben de alliantie-wapens van Van Heeckeren en van Lynden

De ingangspartij  aan de voorzijde heeft boven de ingang een natuurstenen wapensteen met de wapens van de families Van Heeckeren en Van Lynden.

Middenin ziet men het gemeentewapen. Alle wapens bezitten weer de oude heraldische kleuren.

1728     bewoners: Assueer van Heeckeren  was o.a:burgemeester van Zutphen 1719-1767

                                                                                              Raad- en rekenmeester GLD

                                                                                                                             lid Raad van Staten

gedeputeerde Staten Gelderland

lid ridderschap Gld

curator academie Harderwijk

gehuwd 1730 met v. Laer.

In de brugleuning ziet men de alliantie-wapens van v. Heeckeren en v. Laer

 

1760     klokkentorentje (gerestaureerd in 2001) met de slagklok op het dak (diameter 44 cm) slaat om het halve uur en draagt het jaartal 1760. het oude uurwerk (1874) met wijzerplaat, gefabriceerd door de Parijse uurwerkfabriek van Borrel, is in 1998 geheel hersteld en gerestaureerd door Melchert Spaander, tevens door Clock Care voorzien van een computergestuurde bediening van het opwindmechanisme en een automatische tijdssturing vanuit Frankfurt zorgt ervoor dat de klok altijd gelijk loopt.

                       

1768            bewoners: Jacob Derk Carel v. Heeckeren en  v.Wassenaer-Starrenburg

 

1795            bewoners: Willem Hendrik Alexander v. Heeckeren en  Pabst v. Bingerden

 

19e eeuw        1816     gemeentewapen verleend (springende jachthond)

1847            bewoners: Baron Willem v. Heeckeren v. Kell

1879     werd de Oranjerie gebouwd [3]

1880     de tuin werd door de tuin-architect Petzold veranderd van een typische 18e eeuwse tuin met rechthoekige

                                   vakverdeling in een zg. Engelse landschapstuin.

1880            werden de trapgeveltoppen aangebracht en de privaattorentjes boven het dak opgetrokken.

1890            werd de grootste heggendoolhof van Europa aan de Hengelose weg aangelegd (grootte 1 hectare, lengte van de paden 1188 meter) door de familie van Heeckeren van Kell (freule Sophie). Het is een exacte copie van één van de bekendste doolhoven van Engeland, n.l. Hampton Court Maze

                        1895     Freule Sophie overleed.

 

20e eeuw        1914     Baron Willem overleed.

Jacob Derk Carel v. Heeckeren erfde huize Ruurlo.

1938     bewoners  Baron van Heeckeren is met zijn ouders en jongere broer op het Kasteel gaan wonen, na het overlijden van de laatste der drie freules, Freule Sophia Wilhelmina van Heeckeren (1856-1938)

De vader van de baron sliep in de oorlog dikwijls niet in het kasteel, maar in de tuinmanswoning. Er lag aan de achterkant een sloep in de gracht, aan de voorkant lag het pontje

1943            bij een luchtgevecht zijn er aantal bommen bij het kasteel gevallen.

                        De oranjerie werd zwaar beschadigd.

1944            In september werd het kasteel gevorderd door de 10e SS Pantzerdivisie Frunsberg o.l.v. Gen.Major Hans Harmel, bekend van de slag om Arnhem.[4]

Diverse SS-kopstukken hebben er gelogeerd.

1945     bij de bevrijding stonden 2 snelvuurkanonnen in de grote zaal opgesteld, waarvan de vuurlijn in de richting Vorden. De Canadezen trokken Ruurlo vanuit de andere zijde binnen. Er is een granaat dwars door de muur gegaan in de Grote zaal. Er is toen brand ontstaan, welke snel werd geblust.

Na de oorlog was er geen raam meer heel.

De familie keerde na de oorlog terug op het kasteel. Er was veel beschadigd en vernield.

Kunststukken waren gestolen en servies in de gracht gegooid.

                        1950     de luiken van het kasteel werden verwijderd

1975     doolhof ging naar Staatsbosbeheer

De  rijke edelman Robert baron van Heeckeren van Kell, voor de tweede wereldoorlog nog

eigenaar van een landgoed bij Ruurlo, streefde zijn gehele leven naar een betere en

rechtvaardige wereld. Hij gaf zoveel van zijn fortuin weg aan armen en goede doelen, dat hij

tenslotte helemaal niets meer over had.

1976            begrafenis van de laatste bewoonster: Barones Georgine v. Heeckeren v. Kell - v. Limburg Stirum.

1978     gemeente wordt eigenaar van gebouw en omliggende park. (voor 750.000 gulden)

1982-83 restauratie (5,2 milj.) o.l.v. buro uit Velp door de fa. Woudenberg uit Zutphen

                                               in de periode dat het kasteel leeg stond is hier de kinderserie “ de Zevensprong”

opgenomen, naar het boek van Tonke dragt. Deze serie is uitgezonden door de NCRV

 

01-04-84 tot 01-01-2005          in gebruik als gemeentehuis

04-10-84           officiële opening door comm. v.d. koningin Gelderland Hr. De Bruijne

1985                 doolhof opengesteld voor publiek

                      

 

De familie had veel bezittingen o.a. restaurant Avenarius (ca. 1878) was vroeger deel van het kasteel en is gebouwd als gastenverblijf door de Zwitserse architect Nicolaas Hartman en heette toen “het wapen van Ruurlo” Het is tot 1957 in bezit van de familie geweest.

Bijna het hele dorp behoorde bij het kasteel, ook de houtzaagmolen “Agneta (voltooid in 1851, deed eerst dienst als olie- en pelmolen en werd in 1914 omgebouwd tot zaag- en korenmolen) en een groot aantal boerderijen en landerijen vielen onder het bezit.

Baron heeft nog een 19-tal boerderijen in bezit

De luiken zijn: buitenrand groen, in het midden een rood vlak met een witte bies

De boerderijen zijn van het "hallentype", vernoemd naar het middendeel, de 'halle'.

deel van het dak is met stro bedekt, de rest met pannen.(‘onder de pannen zijn’)

 

 

EXTERIEUR

 

 

Wanneer u met uw rug naar het kasteel staat, ziet u een hardstenen wapenschild in de border liggen

afkomstig van Huis “De Cloese” in Lochem.

de dienstingang is gesitueerd aan de achterzijde van het kasteel.

Over de gracht is een nieuwe brug geslagen (lengte= ca. 30 meter). Deze brug is noodzakelijk, omdat de stenen hoofdbrug niet gelijkvloers is met de hoofdverdieping of souterrain. Deze nieuwe brug is qua situering historisch verantwoord; er is nog een prent van C. Pronk uit 1732 waar op deze plaats een brug voorkomt.

De daken zijn bedekt met oude geglazuurde pannen.

Voor de restauratie waren hier leien aanwezig, maar volgens foto's uit het midden van de 19e eeuw bezat de kap een afdekking van pannen. Alleen de torens behielden hun leien dak.

 

 

 

BIJGEBOUWEN

 

Koetshuis, dateert uit 1816, is nu gemeente-winkel

            In het middendeel, achter de drie grote poorten , stonden destijds de koetsen.

           

Watermolengebouw (niet toegankelijk) aan de Baakse Beek ligt in het Molenbos.

Dateert van voor 1681 en is eigenlijk een dubbele onderwatermolen.

Was tot ca. 1830 in gebruik, het ene gedeelte als oliewatermolen, die lijnzaad tot lijnolie maalde (eigendom gemeente en gerestaureerd) en de korenwatermolen (eigendom van Heeckeren).

In de 2e helft van de 19e eeuw bouwde de toenmalige kasteelbewoner de molen nog om voor de opwekking van electriciteit, 'huize Ruurlo' was daarmee het eerste pand in de gemeente dat over electriciteit beschikte.

 

  

Oranjerie

 

            Verwarmde kas, herbouwd en in gebruik genomen op 01-04-2002, nu als feestzaal

 

 


GROTE ZAAL   (RaadZaal)

 

Was hoofdzakelijk 's zomers de ontvangstkamer.

 

Het gave sierstucpIafond (1750) met rococo-ornamenten[5] met liggende Venus

                  (werd in de oorlog door de duitsers als schietschijf gebruikt).

                  Lievelingsvogels: mus, duif, zwaan. Zij bespande haar wagen met duiven en zwanen.

                  Lievelingsbloemen en bomen: roos, papaver, de appelaar en de linde.

 

De tegelkachel-(geleverd door een firma te BerIijn in 1802) met voorstellingen van Vesta (de godin van het haardvuur) en de 3 Vestaalse maagden,

                  (welke dienstbaar waren aan de godin Vesta en het vuur 30 jaar lang moesten laten branden, ging het vuur

                  uit dan werden ze gestraft, b.v. levend begraven, bleef het aan, dan een leven als een hemel op aarde.)

is geheel gerestaureerd door het Geldersch Monumentendepot te Zutphen. De kachel is niet meer geschikt voor gebruik. Het is wel aardig om te zien dat de afvoerpijp functioneel gemaakt is voor ventilatie.

Aan weerszijden van de kachel bevinden zich kasten waarin de verwarming is opgesteld (voorheen boekenkasten). Voorzien van meander-randen. (relatie met labyrint?)

 

De vensterbanken (met houten luiken) hebben hun letterlijke betekenis gehouden; bij grote drukte kunnen ze als zodanig gebruikt worden. Voorheen zaten de freules[6] Justina, Sophie en Marie in de vensterbanken te borduren, breien, etc. Ze verveelden zich wel eens en daarom werd het doolhof aangelegd (1890).

 

          Borstbeeld van Beatrix, aangeschaft  in opdracht van Burg. Ordelman, omdat het wettelijk verplicht is om in een raadszaal een afbeelding van de "koningin" te hebben. Vervaardigd door de firma Schuyr ? te Berkel Enschot.

 

          Vaas op kachel ?  dateert al van voor 1900. (vermoedelijk uit zelfde tijd als kachel)

 

          De lambrizering komt ook uit de veiling van "huize Voorst" (1847)

 

Het koperen slot op de deur is zeer bijzonder. De knoppen stellen de kronen voor  van  Koning Stadhouder Willem Ill en Koningin Mary van Engeland; het ciseleerwerk (bewerkt met beitels) op de buitenzijde verraadt een meesterhand. U ziet dat het geheel ondersteboven zit, omdat het oorspronkelijk niet voor deze deur gemaakt is; ook dit is namelijk afkomstig uit de interieurveiling van kasteeI "De Voorst". (1847)

 

Naast het meubilair ziet U een grote spiegel met verguld houten empire-lijst en een oude Franse tapisserie uit de 18e eeuw, een "verdure[7] met veel groen" vervaardigd te Aubusson (dorpje in Frankrijk) naar een voorbeeld van het werk van de Franse schilder J.B. Oudry (1686-1755). Het is gerestaureerd.  (2/3 wol  1/3 zijde -  helaas is de zijde door ouderdom vrijwel verdwenen)

 

Op de raamwand treft u levensgrote portretten van vroegere bewoners aan:

Assueer van Heeckeren (1699-1767) en echtgenote Henriette Johanna van Laer (1711-1756). Ook een gezinsportret van genoemde echtelieden is boven de deur aanwezig, geflankeerd door de ouders van Assueer, (Iinks) een portret van Jacob Derk van Heeckeren (1665-1749) en (rechts) een portret van zijn echtgenote Heilwich Charlotte van Lynden (1661-1728). Van dit echtpaar ziet u de alliantiewapens in goud en rood op de voorgevel boven de entree.

 

 

Let u op de bijzondere verlichting: indirekt via het plafond.

Veel kasten, schilderijen en wandversieringen zijn nog steeds in eigendom van de familie.


VOORHUIS  (Hal /vestibule)

 

Opvallend is de afmeting van de marmeren vloertegels. Ze zijn uit één blok marmer gesneden.

Zowel wanden als plafond zijn op eenvoudige wijze gestucadoord.

 

Op de achterwand bevindt zich het rijk gebeeldhouwde (houtsnijwerk)  trumeau[8] met marmeren blad (de onderkant is namaak marmer) en een spiegel met verguld houten Louis Seize-lijst.

Aan weerszijden van dit meubelstuk ziet u twee deuren, waarvan de linker niet functioneel meer is, vanwege toilet en lift erachter. De deuren hebben prachtige gebeeldhouwde lijsten; deze komen van  kasteel "de Voorst" bij Zutphen uit een interieurveiling in 1847.

 

Voorts ziet u een echt Amsterdams staand horloge (legaat van mevrouw J.A.F.M. Jurgens).

             Zij heeft jarenlang haar vakantie in deze omgeving doorgebracht en wilde iets terugdoen voor de genoten gastvrijheid in

             de Achterhoek. Zij schonk deze klok omdat het gemeentehuis op bepaalde tijden opengesteld wordt voor publiek.

             Wel met enkele voorwaarden, de klok mag Ruurlo nooit verlaten, tenzij voor reparatie en mag ook niet worden

             uitgeleend.

Deze klok, gebouwd tussen 1750 en 1800, is uniek in zijn soort. Hij is indertijd gemaakt door Gerard Pousjet te Amsterdam. (waarde ca. 50.000 euro)

 

Boven de deuren bevinden zich de portretten van W.H.A.C. baron van Heeckeren van Kell (1774-1847) en echtgenote G.S.A. Barones van Heeckeren van Kell van Pabst van Bingerden (1774-1866).

Zij hadden 8 kinderen, waarvan er hier één is vereeuwigd, nl.

op het grote portret Mr. Willem Baron van Heeckeren-van Kell (1815-1914),

          was o.a lid van gedeputeerde staten van Gelderland, directeur van het kabinet des koning, minister van Buitenlandse

             zaken in 1877 in het ministerie Kappeyne en kamerheer in buitengewone dienst van koning Willem I, II en III en van

             koningin Emma[9], woonde dan ook in Den Haag en later in Doesburg (huize Bingerden), 

en echtgenote Sophia Johanna Justine barones Taets van Amerongen (1817-1861).

Schilderijen geschilderd door Hodges.

Charles Howard Hodges (1764-1837), Engels schilder en graveur. Was zeer bekend als portrettist te Amsterdam en den Haag.

 

Ook ziet u een Venetiaanse lichtkroon.

 

Door de deuren ziet men de zichtlaan van het kasteel.

 

Buiten de stenen brug met de twee draaitrappen naar het souterrain, daar werden vroeger de voorraden bewaard.

 

 

GANG

 

Het plafond met de bloemversieringen is geheel vernieuwd.

 

Ook ziet u hier de oude deurtjes van vroegere spijzenlift; de ruimte erachter wordt nu gebruikt voor techniek.

 

  

VOORKAMER   (Ruimtelijke Ordening)

 

In de wintermaanden werd deze kamer gebruikt als de zaal te koud was

- Eenvoudige eikenhouten betimmering en schoorsteen van ca. 1700

- Marmeren schouw

- Voorzien van een eenvoudig plafond.

- De grote spiegel bestaat uit twee delen.(vanwege de grootte of de belasting?)

  Let u op de verschiIIende kleuren die weerspiegeld worden.

- De oorspronkelijke wandbespanningen en dessus-de-portes zijn verdwenen.

 

 

SALON            (Torenkamer)

         

    - Deze toren bezit een kostbaar sierstucplafond gedateerd 1706 ontworpen door Daniel Marot

(deed o.a. trappenhuis Paleis 't Loo, Treveszaal op het Haagse Binnenhof en zowel interieur als tuinaanleg van Huis de Vorst te Eefde) en uitgevoerd door Coulon.

Daniel Marot (1661-1752) een Franse vluchteling, is de schepper van de nederlandse Lodewijk XIV-stijl en de belangrijkste architect in de republiek van de 18e eeuw. Tussen 1685 en 1715 ontwierp hij interieurs en na 1715 ook hele gebouwen Voor de uitvoering van zijn ideeën was hij aangewezen op vaklieden, zoals

Jean Coulon (1678-1760) vluchtte met zijn ouders in 1685 van Marseille naar Amsterdam.

Deze was meester-timmerman.

     - Let op de alliantiewapens van Van Schimmelpennick-Appelthorn. (wapen met 2 sleutels)

     - In dit vertrek hangt tevens een portret van Luther Hendrik Walraven van Keppel  (1681-1741).

            (Broer van de moeder van Henriette van Laer).

- Boven de schouw (ca 1706) hangt een schilderij die het gevangennemen van Simson[10] door de

  Filistijnen voorstelt.

- Bediendentrap achter de deur

 

 

( EETKAMER)

 

          - Dit vertrek bezit een eenvoudig stucplafond.

          - De schouwpartij is bijzonder fraai (van Marot) en stamt  uit 1690.

                                                           Zie schelpmotief en wapen van Ruurlo.

          -Bij een inbraak in 1978 is het beeldhouwwerk grotendeels vernield en ontvreemd. Mevrouw

          van Reek, echtgenote van de dagelijks opzichter tijdens de restauratie, heeft aan de hand van

          oude foto's en reconstructietekeningen de schouw weer compleet gemaakt.

          -Tussen beide ramen ziet u een mooie spiegel met gebeeldhouwde lijsten.

Boven de drie deuren ziet u gerestaureerde schiIderstukken "dessus-de portes" genoemd, allen  gesigneerd door: Habert.

 


 

PRUIKENKAMER 

 

          -Een knus optrekje. Het bezit een schitterend koepelgewelfje uit 1717, dat onder andere wegens de schelpmotieven in de hoeken wordt toegeschreven aan een ontwerp van Daniël Marot.

          -Het heeft een overhoeks geplaatste schoorsteen.

            -  De Scandinavische gietijzeren kachel is herplaatst.

 

 

Zitkamer van Mr. W. Baron van Heeckeren van Kell (laatstelijk Slaapkamer)

 

ook hier een oud stucplafond van forse detaillering (1717)

De aardige schouwpartij met gaaf Frans klokje komt eveneens uit "De Voorst" (1847), evenals het sierslot op de toegangsdeur.

Ook hier boven de deur "dessus-de-portes" (van freule Justine ?)

 

 

Gang

 

Het wandkleed dat u hier ziet, werd aangeboden bij de officiële opening van "Huize Ruurlo" als gemeentehuis door de gezamenlijke vrouwenverenigingen van Ruurlo, te weten de Christelijke Vrouwenvereniging, de F.N.V., het Katholieke Vrouwen Gilde en de nederlandse Bond van Plattelandsvrouwen. Het doek is door 56 dames vervaardigd in ca. 6 maanden en stelt de gemeentehuizen van Ruurlo in 1884 – 1954 - 1984 voor. Ook het gemeentewapen (de springende jachthond) is erin verwerkt. De uitvoering is in tapisserie (=borduurwerk, waarbij verschillende steken zijn gebruikt). Het ontwerp was afkomstig van mevrouw A.J. Blikman-Stegeman, die ook de algehele leiding bij de vervaardiging had.

 

In deze gang hangt een 17e eeuwse koperen lichtkroon.

Trouwbootje is na de oorlog in de gracht gevonden.

 

 

De typekamer vormt een verbinding met de kleine toren.

Buiten ziet u dat er ramen zijn dichtgemetseld (vanwege de belasting?)

Op de binnenplaats is duidelijk te zien dat het bouwdeel tussen kasteel en toren aanmerkelijk is verhoogd

 

 

 

Trap

 

Als wandversiering een doek met een fragment van een valkenjacht.

 

 


kamer Jonker   (Lodeweges)

 

Dit vertrek heeft een eenvoudige stookplaats en stucplafond met zware lijst.

De Scandinavische gietijzeren kachel is herplaatst.

 

 

slaapkamer Freule Justine    (kamer Secretaris)

 

Hier vallen de 18e eeuwse muurschilderingen direct op. Ze werden tijdens de restauratie ontdekt; het grootste deel was nog behoorlijk intact. Ze werden gerestaureerd en aangevuld. Het is wel aardig om te weten dat de bruine achtergrondkleur aangebracht is m.b.v. opgerolde boerenkoolbladeren (wolkerig effect).

Links van de schouw is een groot deel vernieuwd.

Het oudste gedeelte van de schilderingen treft u rechts van de schouw aan.

Let u verder op de eeuwenoude, maar toch kunstzinnige schoorsteenmantel met imitatie-marmer-onderdelen en het schilderstuk van de freule (op behang/papier!).

Verder hangt er nog een "eierlamp[11].

 

 

GANG verdieping

 

Rechts aan de wand bevindt zich een geschenk van de "Partnerschaftgemeente" Fürstenau.

 

Voorts een afbeelding van Theodoor Baron de Neuhof, de Koning van Corsica.

  Corsica-kamer: Hij was een vriend van de Bey van Tunis en met hem beraamde hij een plan om zich als koning

   van Corsica te laten uitroepen. Hij is op Corsica geland in maart 1730 en heeft 8 maanden daar vertoefd. Hij

   kreeg echter geldgebrek en is teruggegaan, heeft Amsterdamse kooplieden overgehaald om hem geld te geven

   en probeerde weer koning van Corsica te worden, maar men had hem niet meer nodig en hij moest vluchten. In

   1736 was hij op kasteel Ruurlo. (Hij was verwant aan het geslacht van Laer.) Hier heeft hij, voor zover bekend is,

   een knecht doodgeslagen, is naar Engeland vertrokken en is daar in de gevangenis terechtgekomen. Leefde

   verder aldaar in armoe en overleed te Londen.

 

Kamers (eind van de gang)

 

Vóór de restauratie was deze ruimte opgedeeld in een aantal vertrekken;

- de "Corsica-kamer"(oostzijde)

- de "Blauwe kamer"

- de kamer van de freule Marie.

De zaal heeft een nieuw plafond; hierin zijn een viertal oude rozetten herplaatst (op de hoeken)

De vloer was scheef. Men kreeg rugklachten, recht gemaakt, vandaar hoogte-verschil.

Plafond Raadzaal is opgehangen aan stalen buizen i.v.m. zware apparatuur.

In 2001 is deze ruimte verdeeld in twee kantoren

 

 

(Wethouderskamer)

 

Zoals u aan het plafond kunt zien, is dit vertrek één geheel geweest met de gang ernaast. Het bovendeel van de scheidingswand is uitgevoerd in glas om het plafond visueel gaaf te houden.

Van de schoorsteenpartij, welke vroeger centraal in het vertrek stond, is alleen de boezem met een ondiepe nis, voorzien van een historische haardplaat over.

 

 


(Wethouderskamer)

 

Vóór de restauratie was dit vertrek opgedeeld in twee kamers: het "Geele en Rood Kabinet". Net als in het vorige vertrek is ook hier te zien dat het vertrek oorspronkelijk groter was; de gang hoorde erbij. Het was een verrassing, toen tijdens de restauratie het beschilderde houten plafond tevoorschijn kwam. De eenvoudige (boeren)schildering is geheel gerestaureerd.

Het portret stelt voor: freule Sophia Wilhelmina, Barones van Heeckeren van Kell (1807-1895), zuster van baron Willem, een vrouw die in en om Ruurlo veel goeds gedaan heeft (met name voor de zieken). De plaatselijke muziekvereniging is naar haar genoemd (Sophia's Lust).

 

 

GANG 

 

Portrettengalerij van burgemeesters.

 

 

 

HERENKAMER  (Burgemeesterskamer)

 

Deze torenkamer bezit een gaaf sierstukplafond uit 1706; ook de schoorsteenmantel is uit deze tijd.

Het portret stelt Mr. Willem Baron van Heeckeren van Kell (1815-1914) voor.

Mooi uitzicht op watermolen en woning van Baron. (Karel).

Raamkozijnen van de grote toren hebben de oorspronkelijke roede-indeling

 

 

 

Zolder (niet toegankelijk)

 

De zolder is grotendeels een lege ruimte, welke gebruikt wordt voor telefooncentrale, verwarmings- en ventilatie-installatie en enkele kantoorruimtes.

Boven de zolder bevindt zich nog een vliering met het oude uurwerk.

 

 

Wenteltrap

 

Deze bevindt zich in de aangebouwde toren en was vroeger de "plee-toren


Jachtkamer / Keuken  (Kelderruimten)

 

Tegeltableau

In de keuken stond vroeger een kolossaal gesmeed fornuis, dat verplaatst is naar kasteel Warmelo te Diepenheim.

Pijp -      van 1952 tot 1971 hield men (om de 3 jaar) in het Rijkenbargse bos Karl May-

              openluchtspelen. Toen de spoorlijn dreigde opgeheven te worden ging men verkleed

              als indianen op pad naar het provinciehuis (men heeft zelfs nog de trein laten

              stoppen). Toen in overleg met de spoorwegen uiteindelijk het spoor gehandhaafd

              bleef rookte men de "vredespijp".

              In het dorp nabij de molen is in 2003 een standbeeld van Winnetou geplaatst.

Let u ook op de fraaie vitrine met voorwerpen, waarvan sommigen tijdens de restauratie in 1982-83 opgevist werden uit de slotgracht, o.a. gebruiksvoorwerpen. (paté-schalen, windvaan 1859). Verder hangt in de vitrinekast het oude belsysteem.

Alvorens met de restauratie te kunnen beginnen werd n.l. in de slotgracht gezocht naar explosieven, men vond na de drooglegging een gave bestrating van keien op de bodem.

 

Ribloze kruisgewelven rusten op een gordelboog.

 

Wijnkelder        (Vergaderkamer onder toren)

 

Naast de vensters met hun aardige luikraampjes ziet u nog twee kaarsnissen en plaatsaanduidingen van vroegere schietopeningen (strepen in het pleisterwerk)

Ribloos kruisgewelf

 

Gang

 

In de gang bevinden zich nog de deurtjes, waarachter zich destijds de spijzenlift bevond.

In de verkregen ruimte is nu een verdeelkast voor verlichting.

Let u op de verlichting: getracht is om de gewelven gaaf te houden.

Het licht komt nu vanaf de vloer of de wand; het gewelf fungeert als reflector.

Gang met tongewelf

 

 

Keldersalet        (Kamers)

 

De kamer en de achterliggende vergaderruimte bezitten twee ribloze kruisgewelven op een brede gordelboog [12] tussen beide.

Hier waren voorheen de afwaskeuken en de eierenkelder.

 

 

Entree

 

Tijdens de ontgravingen voor lift en toiletten werden naast diverse oude funderingen (op koeiehuiden) tevens enkele gave restanten van een waterput gevonden; deze zijn ongewijzigd afgedekt onder de vloer. De put bevindt zich ongeveer onder het ronde raampje tussen de entree en de gang en de garderobe.

In de gang hangt nog het oude schakelpaneel. 

                          (Lunchkamer)

 

De lunchkamer en de gang zijn afgedekt met een stenen tongewelf. Het is vanwege het hoge tongewelf in de lunchkamer dat de vloer van de erboven gelegen typekamer zich ongeveer 1 meter hoger bevindt dan de overige vertrekken op de begane grond.

 



[1]    Middeleeuwen  476 - 1500

[2]    Renaissance    1500 - 1600

[3]   eind 1943 zwaar beschadigd door vallende bommen, bij de bevrijding 01-04-1945 lag deze in de vuurlijn van een

engelse tank, in 1947 gesloopt.

[4]   2e pantserdivisie was gelegerd in kasteel bij Doetinchem,  9e pantser in Beekbergen en 10e pantser in Ruurlo

[5]   Barok  1600 – 1730  Rococo 1730 – 1770  kunststijl (ronde lijnen,  krulversieringen, luchtig en  elegant)

[6]   Freule = ongetrouwde adellijke dame

[7]   verdure = copie van ….  (voorstelling hoofdzakelijk flora/fauna)    In de 17e eeuw ook wel groenwerk of groentapijt genoemd

[8]   Trumeau = tafel, waarvan de achterwand wordt gevormd door een spiegel

[9]      1806-1810       Lodewijk Napoleon                

1813-1840       Willem I  x             

1840-1849       Willem II                x Anna Paulowna   

1849-1890       Willem III               x Emma (1890-1898)            

1898-1948       Wilhelmina             x Hendrik               

1948-1980       Juliana                    x Bernard

1980-                               Beatrix                    x Claus

[10]   Heroische figuur uit het Boek Richteren, hfdst.13-16. De geboorte van deze ‘verlosser’, die op zijn tijd door de geest Gods zou worden aangegrepen, werd door een hemelse bode aangekondigd, tot tweemaal toe. Hij was een nazireeër voor het leven en een uiting daarvan waren zijn haren waaraan geen scheermes te pas mocht komen.De verteller heeft de ervaringen van Simson gecomponeerd rondom 3 Filistijnse vrouwen, van wie de laatste Delila zijn ondergang werd. Nadat hij haar bekend had gemaakt dat, als zijn haren geschoren zouden worden, hij zijn bovenmenselijke kracht zou verliezen, liet zij hem scheren en leverde zij hem over aan de Filistijnen, die hem de ogen uitstaken en hem in de gevangenis wierpen. Toen zij hem bij gelegenheid van een offerfeest ter ere van hun God Dagon tot vermaak van het volk toonden, herwon Samson zijn kracht en wist hij de middelste zuil waarop de tempel rustte, weg te drukken. Zo vond hij met 3000 van zijn vijanden de dood en werd hij nog éénmaal de “verlosser” van zijn volk.

[11]   ca.1850-1900 werden deze lampen vanuit Europa geëxporteerd naar India. De lampen werden geblazen van fijn kristalglas   en opgehangen aan fraai geornamenteerd koperwerk en werden gemaakt in Brussel en Wenen

[12]   onder te grote belasting kunnen in het tongewelf scheuren optreden, evenwijdig aan de as, daarom paste men in de      middeleeuwse architectuur dikwijls gordelbogen toe, die niet zozeer het gewelf versterken, als wel de voortzetting van    scheuren verhinderen.)